Naast de kwestie

Zo schakel je als een profwielrenner

Wie pas begint met fietsen kan schakelen nogal verwarrend vinden. Maar als je niet schakelt zal je niet ver geraken, letterlijk en figuurlijk. Fietsen hebben versnellingen zodat je comfortabel kan trappen op om het even wel terrein. Goed overweg kunnen met je versnellingen is dus van essentieel belang. Daarom geven wij je enkele tips zodat je leert schakelen als een prof.

De basis

  • Als je vooraan wil schakelen: gebruik je linker shifter.
  • Als je achteraan wil schakelen: gebruik je rechter shifter (zo zal je het meest schakelen).
  • Schakel vloeiender door rustig te trappen als je je shifters gebruikt. Trap niet terug!
  • Als je te snel trapt en weinig weerstand ondervindt, schakel dan naar een zwaardere versnelling. Zo ga je sneller.
  • Als je te traag trapt en als het moeilijk wordt om je pedalen rond te krijgen, aarzel dan niet om naar een lichtere versnelling te schakelen.
  • Oefening baart kunst: speel met je versnellingen en ontdek hoe het voelt om in verschillende versnellingen te fietsen.

Ken je shifters

Bij de meeste fietsen schakel je met de linker shifter vooraan, met de rechter shifter achteraan. Als je het even niet meer weet, is er een handig trucje om dat te onthouden. In Rechts zit de R van achteRaan. De werking van de shifters verschilt per merk. Vraag gewoon even in de fietsenwinkel hoe die van jouw fiets werken, spring op je fiets en leer ze kennen!

Speel met je versnellingen

De meeste fietsen hebben een, twee of drie tandwielen vooraan. En zeven tot twaalf versnellingen achteraan. Als je je ketting achteraan verlegt van het kleinste tandwiel naar het grootste, zal je voelen dat het trappen steeds een klein beetje makkelijker gaat. Als je vooraan je ketting verlegt, ga je een groter verschil voelen. Op je kleinste tandwiel ga je soepeler kunnen trappen, op je grootste tandwiel, krijg je veel meer weerstand. Tijdens het fietsen zal je daarom vooral achteraan schakelen om zo met kleine aanpassingen je ideale cadans te vinden. Ontdekken hoe je verschillende versnellingen aanvoelen doe je best weg van het verkeer, ergens op een parkeerterrein.

Wanneer en hoe schakel je?

Schakel naar en lichtere versnelling als je bergop fietst of als je tegen de wind in rijdt. Schakel zwaarder op het vlakke of als de wind in je rug blaast. Als je twijfelt, schakel je best voor dat het terrein verandert, zeker bergop. Als je schakelt, blijf dan trappen, maar zet niet je volle kracht op je pedalen. Anders kan je ketting eraf vallen. Vermijd ook dat je ketting extreem schuin ligt. Bijvoorbeeld op je kleinste tandwiel vooraan (links) en op je zwaarste tandwiel achteraan (rechts).

Wat als je ketting eraf valt?

Stop dan en stap van je fiets. Duw je derailleur (het kleine wieltje onder je ketting) naar beneden. Zo krijgt je ketting meer speling. Nu kan je ze manueel terug op je tandwiel leggen. Hef je achterwiel op, en draai met je hand de pedalen rond om te kijken of ze er goed opligt. Soms kan je je ketting er ook opleggen zonder van je fiets te stappen. Als hij van je kleine tandwiel vooraan valt, trap dan rustig door en gebruik je linker shifter om naar je grootste tandwiel vooraan te schakelen. Als je ketting er regelmatig afvalt. Ga dan naar de fietsenwinkel om je derailleur te laten afstellen.

Bron: Bicycling.com

Vorig artikelVolgend artikel